Er is een onderzoek gestart naar het Drents Slavernijverleden. Het is merkbaar dat de excuses van de Koning en andere prominenten geholpen hebben.

Het Drents onderzoek wordt uitgevoerd onder leiding van historicus Niek Hemmen. Hij is één van de auteurs die de gids Sporen van het slavernijverleden in Fryslân heeft geschreven. Ook heeft hij in juni 2023 Gids Kerk en Slavernijverleden uitgebracht, samen met wetenschapper Dienke Hondius (VU / Anne Frankhuis).

“Ik was geschiedenis gaan studeren aan de Rijksuniversiteit Groningen met een brede interesse in alle tijdperken en onderwerpen, maar ik merkte tijdens mijn studie dat de onderwerpen die nu nog impact hebben op de hedendaagse maatschappij mij het meeste boeien. Daar is het slavernijverleden ook één van, dus ben ik me vooral daarin gaan specialiseren.”

  

Drentse roots
Hemmen is één van de onderzoekers die aangedragen is door de voorzitter van het Comité Drenthe. Hemmen is hierop benaderd door het Drents Archief. Hij was gelijk enthousiast om dit te doen. “Zelf ben ik ook in Drenthe opgegroeid, dus ik vind het fijn dat ik dit nu ook voor mijn eigen provincie mag onderzoeken. Drenthe kan natuurlijk niet achterlopen met de andere provincies en was tijdens de koloniale tijd zeker niet geïsoleerd van de rest van de wereld.”

Samenwerking
Naast het Drents Archief, die in feite de opdrachtgever is, nam onderzoeker Hemmen ook contact op met ons comité. “Ingrid Redan, de voorzitter van Comité 30 juni 1juli Drenthe, heeft me in contact gebracht met belangrijke sleutelfiguren uit de achterban. Via hen krijg ik veel interessante informatie, die ik ook ga gebruiken.”

Daarnaast ziet Hemmen ook een vruchtbare samenwerking met Rijksuniversiteit Groningen. “Via hen heb ik al een stagiair geschiedenis gevonden die me gaat helpen met de uitvoer. We zijn druk bezig om nog een tweede stagiair te vinden. Ook coördineer ik het onderzoek samen met prof. Maarten Zwiers. Hij is onder andere gespecialiseerd in regionale identiteit, rurale geschiedenis, en de geschiedenis van het Amerikaanse Zuiden. Ook is hij Redacteur van de Nieuwe Asser Historische Reeks.”

Eerste vondsten
Zijn huidige onderzoek is een eerste verkenning naar de mogelijke sporen van het slavernijverleden in Drenthe, zowel van WIC- als VOC kant. De bedoeling is dat er een gids komt met handvatten voor vervolgonderzoek. “Bij het Drents Archief had Johanne Vonk al wat verzameld over het slavernijverleden met een stageonderzoek, vanuit daar ga ik verder. Zij heeft bijvoorbeeld al wat Drentse huizen gevonden van rijke families die aandelen hadden in Surinaamse plantages.”

Compensatielijsten en kerken
Maar er is volgens Hemmen nog zoveel meer te vinden, alleen al door archiefonderzoek. “Er zijn vast verhalen over geld dat meegenomen is naar Nederland, verdiend met de slavernij. Ook hoop ik de persoonlijke verhalen te vinden van tot-slaafgemaakten die meegenomen zijn naar Drenthe. De rol van de kerk is ook interessant, sommige dominees waren erg pro slavernij en anderen juist tegen. In de compensatielijsten van de WIC zijn al veel Drentenaren gevonden.”

De doop, het huwelijk en de dood
Ook gaat Hemmen de doop- trouw en begraafregisters onderzoeken op individuen die banden hebben met de ex-kolonies. “Denk aan mensen met een Afrikaanse, Aziatische of Amerikaanse afkomst. En wie werkten er allemaal voor de WIC en de VOC? Van de VOC kant ga ik ook de Molukse KNIL militairen in Drenthe en hun nakomelingen onderzoeken.” In alle kolonies van Nederland, zowel in de Amerika’s als in Azië was er onderdrukking en slavernij.

Geen trots, maar lessen uit het verleden
Geschiedenis is er volgens Hemmen niet alleen om mooi te zijn. Het is iets waar we van kunnen leren. “Daarom vind ik dat je alle kanten van de geschiedenis moet onderzoeken en alle verhalen en perspectieven uit een bepaalde tijd. Er zijn genoeg politici, journalisten en gewone mensen die de Gouden Eeuw ophemelen, maar niet stilstaan bij de keerzijde ervan. Kolonialisme bracht rijkdom voor Nederland, maar uitbuiting, uitsluiting en slavernij in de koloniën.  Met als gevolg een hedendaagse ongelijkheid die diep geworteld zit. Waarom zou je dat negeren en niet onderzoeken? Geschiedenis schrijf je niet om trots op te zijn of je er beter door te voelen, maar puur om de echte feiten en gebeurtenissen te kennen. Geschiedenis is er om de wereld van nu beter te begrijpen en om niet dezelfde fouten te maken.”

Zoektocht naar persoonlijke verhalen
Hij hoopt met zijn onderzoek bij te kunnen dragen aan een goed begin voor verder, diepgaander onderzoek. “Het zou mooi zijn als er aan de hand van mijn gids, straks vervolgonderzoeken kunnen komen. Maar waar het Comité 30 juni – 1 juli het meeste aan heeft, zijn denk ik de persoonlijke verhalen. Als die beter worden onderzocht, kunnen daar ook tentoonstellingen, boeken en theaterstukken uit voortkomen voor het brede publiek.” Als 30 juni -1 juli Comité hopen we dat dit onderzoek ook een aanleiding zal zijn om in Drenthe een monument neer te zetten, net als in Groningen waar maar liefst twee monumenten onthuld zijn ter herdenking van het slavernijverleden.

Activisten van toen
Ook vindt Hemmen het belangrijk bij te dragen aan wederzijds begrip voor elkaar. “Vaak zeggen mensen dat het toen onderdeel was van het systeem en dat velen er niks aan konden doen, maar toch waren er abolitionisten in Nederland. Dus er was wel degelijk een moreel besef in die tijd. Deze mensen hadden het niet makkelijk, want werden in die tijdsgeest als vervelend gezien. Toch bleven ze doorstrijden.”

Doe mee!
Heb je zelf nog suggesties of eigen vondsten? Laat het Niek Hemmen of het Drents Stadsarchief weten. “ Er zijn vast wel mensen die hun familiegeschiedenis hebben onderzocht of de geschiedenis van hun woonplaats en ook connecties met de slavernij hebben gevonden. Wie weet heb je nog wel wat op zolder liggen of zijn er bepaalde aspecten die ik over het hoofd zie? Ik sta open voor feedback, want iedereen kan blinde vlekken hebben.”

 

Updates
Wil je graag op de hoogte blijven? Tijdens het onderzoek is Hemmen van plan om nieuwe vondsten op social media te plaatsen, zodat iedereen die dat wil betrokken kan zijn bij zijn onderzoek. Houd de social media kanalen van het Drents Stadsarchief dus in de gaten. Ze zijn te volgen op Instagram, Facebook, LinkedIN en X. Wij zijn in ieder geval reuze benieuwd!

Delen:

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Share on whatsapp
Share on email

Meer berichten